ECLI:NL:RVS:2024:5081
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stelling aanvraag verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling heeft bij besluit van 19 juli 2024 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag buiten behandeling gesteld. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 26 september 2024 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en vastgesteld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank is overgenomen en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
De Raad van State bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. Het hoger beroep bevatte geen nieuwe vragen die de rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin zouden dienen, waardoor verdere motivering achterwege kon blijven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.