ECLI:NL:RVS:2024:555
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake uitzetting en bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 13 december 2023 een besluit genomen waarbij de vreemdeling werd opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod werd uitgevaardigd. Vervolgens is de vreemdeling op 26 december 2023 in bewaring gesteld. De vreemdeling heeft tegen deze besluiten beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 19 januari 2024 de beroepen ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze Afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. Het hogerberoepschrift bevatte geen vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming, zodat nadere motivering niet noodzakelijk was.
De Afdeling heeft ook ambtshalve geen aanleiding gezien om de bewaring onrechtmatig te achten. Daarom is het hoger beroep ongegrond verklaard en is de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.