ECLI:NL:RVS:2024:586
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering vernietigend vonnis verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 13 december 2023 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verkrijgen, afgewezen. De vreemdeling stelde beroep in tegen deze afwijzing bij de rechtbank Den Haag, die op 15 januari 2024 het beroep gegrond verklaarde, het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde vervolgens hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht de voorzieningenrechter van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij de uitspraak van de rechtbank niet hoefde uit te voeren totdat het hoger beroep was beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie op dit verzoek.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het hoger beroep nader onderzoek vergt en dat de procedure voor een voorlopige voorziening daarvoor niet geschikt is. Gezien de belangen van beide partijen werd daarom besloten de voorlopige voorziening toe te wijzen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd op 12 februari 2024 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.