ECLI:NL:RVS:2024:651
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen weigering verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 29 november 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 26 januari 2024 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep beoordeeld en concludeerde dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel was gekomen. Het hogerberoepschrift bevatte geen nieuwe vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Het verzoek om voorlopige voorziening werd eveneens afgewezen. De staatssecretaris is niet verplicht tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd op 15 februari 2024 in het openbaar gedaan door voorzieningenrechter J.J.W.P. van Gastel.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.