ECLI:NL:RVS:2024:817
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en instandhouding omgevingsvergunning dakopbouw Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende op 8 januari 2021 een omgevingsvergunning aan appellant sub 2 voor het wijzigen en uitbreiden van de derde verdieping van een woning in Amsterdam, inclusief een dakopbouw en dakterras. Appellanten sub 3 maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college op 12 mei 2022 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellanten sub 3 gegrond, vernietigde het besluit van 12 mei 2022 en beval het college een nieuw besluit te nemen.
Het college en appellant sub 2 stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de plaatsing van de dakopbouw de maximale goothoogte overschrijdt. De Afdeling stelde vast dat het hemelwater via een intern afwateringssysteem wordt afgevoerd, waardoor de bestaande goothoogte niet wijzigt en het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan.
Het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van appellanten sub 3 werd ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover deze het beroep van appellanten sub 3 gegrond verklaarde en het besluit van 12 mei 2022 vernietigde. Het beroep van appellanten sub 3 werd alsnog ongegrond verklaard, waardoor het besluit van het college van 12 mei 2022 in stand blijft en de dakopbouw mag worden gerealiseerd.
Uitkomst: Het beroep van appellanten sub 3 wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college van 12 mei 2022 blijft in stand, waardoor de dakopbouw mag worden gerealiseerd.