ECLI:NL:RVS:2024:827
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen intrekking voorschriften omgevingsvergunning kantoorpand Breukelen
Beagle Vastgoed, eigenaar van een kantoorpand in Breukelen, verzocht het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht om intrekking of wijziging van voorschriften 10 en 11 van haar omgevingsvergunning. Het college wees deze verzoeken in 2020 af en handhaafde dit in een besluit van april 2021. De rechtbank verklaarde dit besluit in april 2022 ongegrond en beval het college opnieuw te beslissen.
Het college trok in september 2022 de voorschriften alsnog in en kende proceskostenvergoeding toe. Beagle Vastgoed stelde hoger beroep in tegen het eerdere besluit en bezwaar tegen het nieuwe besluit, stellende dat de rechtbank zelf had moeten voorzien in intrekking en dat het college het besluit van september 2022 gebrekkig had gemotiveerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk was omdat het beoogde resultaat al was bereikt. Het beroep tegen het besluit van september 2022 werd ongegrond verklaard omdat het college de verzoeken feitelijk had toegewezen en de onrechtmatigheid erkend. Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard omdat het college de maximale dwangsom had toegekend en alsnog een besluit had genomen.
De Afdeling veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten aan Beagle Vastgoed voor het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep en het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit zijn niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het besluit van 13 september 2022 ongegrond.