ECLI:NL:RVS:2025:114
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- N. Verheij
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over aangepast leerlingenvervoer voor leerling met verstandelijke handicap
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees een aanvraag voor aangepast leerlingenvervoer voor een leerling met een verstandelijke handicap af voor het schooljaar 2021-2022. De rechtbank verklaarde het beroep van de ouders gegrond en bepaalde dat het college een nieuw besluit moest nemen.
Het college verleende vervolgens aangepast vervoer voor het schooljaar 2022-2023 en kende een bekostiging toe voor de periode 2021-2022 op basis van openbaar vervoer, wat door de ouders werd bestreden vanwege de werkelijke gemaakte benzinekosten.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de leerling vanwege zijn structurele lichamelijke en verstandelijke handicap niet zelfstandig of met begeleiding met het openbaar vervoer kan reizen. Het college had ten onrechte de bekostiging voor 2021-2022 op openbaar vervoer gebaseerd. De Afdeling vernietigde dit deel van het besluit en stelde een redelijke benzinevergoeding vast.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de ouders. De uitspraak bevestigt het recht op aangepast vervoer en een passende vergoeding voor de gemaakte vervoerskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de bekostiging voor 2021-2022 wordt vastgesteld op basis van benzinekosten met een aanvullende betaling van €1.540,00 aan de ouders.