ECLI:NL:RVS:2025:1161
Raad van State
- Hoger beroep
- P.H.A. Knol
- H.J.M. Besselink
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering landelijke vrijstelling verkeersregels voor DHL bezorgers
DHL heeft verzocht om een landelijke vrijstelling van bepaalde bepalingen uit het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, zodat haar bezorgers op plaatsen zoals stoepen en fietspaden mogen parkeren en rijden. De minister heeft dit verzoek geweigerd omdat DHLs dienstverlening niet kwalificeert als een openbare of daarmee gelijk te stellen dienst.
De rechtbank heeft geoordeeld dat de minister het gelijkheidsbeginsel niet heeft geschonden door wel een vrijstelling aan PostNL te verlenen, omdat PostNL is aangewezen als universeel postdienstverlener en DHL niet. De vrijstelling aan PostNL geldt uitsluitend voor de universele postdienst (UPD)-werkzaamheden.
In hoger beroep heeft de Raad van State de overwegingen van de rechtbank onderschreven en benadrukt dat de minister terecht onderscheid maakt tussen UPD-werkzaamheden en niet-UPD-werkzaamheden. De vrijstelling aan PostNL geldt alleen voor UPD-werkzaamheden en het gelijkheidsbeginsel verplicht niet om dezelfde vrijstelling aan DHL te verlenen voor haar werkzaamheden.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de minister terecht heeft geweigerd DHL een landelijke vrijstelling van verkeersregels te verlenen.