ECLI:NL:RVS:2025:1229

Raad van State

Datum uitspraak
24 maart 2025
Publicatiedatum
24 maart 2025
Zaaknummer
202500669/2/V2
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • J. Schipper-Spanninga
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling na vernietiging besluit asielaanvraag

De minister van Asiel en Migratie heeft op 19 november 2024 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen, een terugkeerbesluit genomen en een inreisverbod uitgevaardigd. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank, die op 28 januari 2025 het besluit vernietigde, de asielaanvraag ongegrond verklaarde en bepaalde dat de vreemdeling binnen vier weken moet vertrekken naar Senegal. Deze uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit.

De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, evenals de vreemdeling incidenteel. De vreemdeling verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij niet zou worden uitgezet voordat op het hoger beroep was beslist en om opvang en verstrekkingen.

De voorzieningenrechter oordeelde dat op grond van het individuele asielrelaas van de vreemdeling het niet aannemelijk is dat de uitspraak van de rechtbank zal worden vernietigd. Gezien de belangen van de vreemdeling werd geen voorlopige voorziening getroffen. Het verzoek werd afgewezen en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de vreemdeling mag worden uitgezet.

Uitspraak

202500669/2/V2.
Datum uitspraak: 24 maart 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende de hoger beroepen van:
de minister van Asiel en Migratie
en
[de vreemdeling],
tevens verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 28 januari 2025 in zaak nr. NL24.46350 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de minister van Asiel en Migratie.
Procesverloop
Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen, een terugkeerbesluit genomen en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.
Bij uitspraak van 28 januari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, de asielaanvraag afgewezen als ongegrond, bepaald dat de vreemdeling binnen vier weken na verzending van de uitspraak moet vertrekken naar Senegal en bepaald dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld.
De vreemdeling heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven en incidenteel hoger beroep ingesteld.
De vreemdeling heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.       De vreemdeling heeft de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat hij niet wordt uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat hij opvang en verstrekkingen krijgt.
2.       Gelet op wat de vreemdeling heeft aangevoerd over zijn individuele asielrelaas, is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet aannemelijk dat de uitspraak van de rechtbank daarover zal worden vernietigd. Gelet op de belangen die de vreemdeling naar voren heeft gebracht, treft de voorzieningenrechter geen voorlopige voorziening.
3.       Het verzoek wordt afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J. Schipper-Spanninga, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.S. Heinen, griffier.
w.g. Schipper-Spanninga
voorzieningenrechter
w.g. Heinen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 24 maart 2025
984