ECLI:NL:RVS:2025:1258
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen onrechtmatige grensdetentie en schadevergoeding afgewezen
De minister van Asiel en Migratie legde op 20 januari 2025 een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling op 14 februari 2025 gegrond, oordeelde dat het Justitieel Complex Schiphol geen gespecialiseerde bewaringsaccommodatie was en beval de opheffing van de maatregel met schadevergoeding.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het oordeel van de rechtbank onjuist was en dat het Justitieel Complex Schiphol wel als gespecialiseerde bewaringsaccommodatie geldt volgens artikel 10, eerste lid, van de Opvangrichtlijn.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer op 26 maart 2025.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de grensdetentie wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.