ECLI:NL:RVS:2025:1421
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verwijzing beroep handhaving Winkeltijdenwet naar College van Beroep voor het bedrijfsleven
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde aan appellante lasten onder dwangsom op wegens overtredingen van de Winkeltijdenwet, omdat zij zonder ontheffing haar winkel vóór 6:00 uur opende. Na meerdere besluiten tot invordering van dwangsommen en daaropvolgende bezwaren en beroepen, verklaarde de rechtbank Den Haag het beroep van appellante ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt echter dat de rechtbank niet bevoegd was om over het beroep te beslissen, omdat de handhaving van de Winkeltijdenwet valt onder de bevoegdheid van het College van Beroep voor het bedrijfsleven. De rechtbank had het beroep moeten doorzenden.
Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep doorverwezen naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en wordt het betaalde griffierecht aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep doorverwezen naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven.