ECLI:NL:RVS:2025:1516
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen weigering verblijfsvergunning asiel
Op 3 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie het verzoek van appellant om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. Appellant heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 24 maart 2025 het beroep ongegrond verklaarde.
Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en de motivering van de rechtbank overgenomen, aangezien het hogerberoepschrift geen nieuwe vragen bevatte die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank. Tevens wees zij het verzoek om voorlopige voorziening af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.Th. Drop op 4 april 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen; de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.