ECLI:NL:RVS:2025:1980
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen wijzigingsplan Kerkstraat 56-58 in Soest voor realisatie van twintig appartementen
Het college van burgemeester en wethouders van Soest stelde op 3 september 2024 het wijzigingsplan 'Kerkstraat 56-58' vast, dat de bouw van maximaal twintig appartementen mogelijk maakt op de locatie waar nu een meubelzaak is gevestigd. Appellanten, wonend op respectievelijk circa 30 en 45 meter afstand, maakten bezwaar tegen dit plan en stelden beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het recht dat gold vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 van toepassing blijft, aangezien het ontwerpwijzigingsplan vóór die datum ter inzage is gelegd. Appellanten voerden meerdere bezwaren aan, waaronder een onjuiste verwijzing naar artikel 3.8 in plaats van 3.9a van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) bij de terinzagelegging, onjuiste toepassing van de Crisis- en herstelwet (Chw), onvoldoende borging van betaalbare woningen, het ontbreken van windonderzoek en zorgen over bodemverontreiniging.
De Afdeling verwierp deze bezwaren. De verwijzing naar artikel 3.8 in plaats van 3.9a leidde niet tot een onjuiste voorbereidingsprocedure en zienswijzen zijn meegenomen. De Chw is van toepassing omdat het plan de bouw van meer dan elf woningen mogelijk maakt. Het vereiste aandeel betaalbare woningen strekt niet tot bescherming van de belangen van appellanten en kan daarom niet leiden tot vernietiging. Het plan voldoet aan de maximale bouwhoogte en een aanvullend windonderzoek is niet noodzakelijk. Ten slotte staat de bodemverontreiniging, waarvan sanering is voorzien en bekostigd, niet aan de uitvoerbaarheid van het plan in de weg.
De Afdeling verklaart het beroep ongegrond en wijst de proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het wijzigingsplan Kerkstraat 56-58 wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.