ECLI:NL:RVS:2025:2729
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing weigering omgevingsvergunning schuilstal in agrarisch gebied
Het college van burgemeester en wethouders van Land van Cuijk weigerde op 14 april 2020 een omgevingsvergunning voor de bouw van een schuilstal voor een paard en twee pony’s op een perceel met de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschapswaarden". De aanvraag viel onder het overgangsrecht van de Wabo zoals die gold vóór 1 januari 2024.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat niet was voldaan aan de voorwaarden van de afwijkingsbevoegdheid in artikel 4.3.7 van het bestemmingsplan "Buitengebied 2010, Herziening 2016" en omdat artikel 4 van Pro bijlage II van het Besluit omgevingsrecht niet van toepassing was. De appellant voerde aan dat de oppervlakte-eis van 0,5 hectare werd gehaald door ook het woonperceel en bruikleen van buurgrond mee te rekenen, en dat de schuilstal als bijbehorend bouwwerk bij de woning moest worden gezien.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de afwijkingsbevoegdheid alleen geldt voor gronden met de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschapswaarden" en dat bruikleengrond niet meetelt. De schuilstal ligt op een ander deel van het perceel dan de woning en is niet functioneel verbonden als bijbehorend bouwwerk. Het vertrouwensbeginsel faalt omdat het college het algemeen belang bij naleving van planregels en de Interim Omgevingsverordening zwaarder mocht laten wegen dan de toezegging in een vroeg stadium.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.