ECLI:NL:RVS:2025:2837
Raad van State
- Herziening
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening handhavingsbesluit demping watergang Waterschap Rivierenland
Het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap Rivierenland verleende in 2008 ontheffing voor het dempen van een watergang onder de voorwaarde van compensatie van waterberging. Verzoekster vroeg handhaving tegen deze demping, maar het college wees dit af. Na diverse procedures, waaronder bezwaar, beroep en hoger beroep, werd de afwijzing van het handhavingsverzoek in 2016 onherroepelijk.
Verzoekster diende meerdere verzoeken om herziening in, die alle werden afgewezen of niet-ontvankelijk verklaard. Het vijfde verzoek om herziening betrof dezelfde zaak en werd behandeld in een zitting op 26 mei 2025. Verzoekster stelde onder meer dat sprake was van misleiding, strafbare feiten en schending van procesrechten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het verzoek niet voldeed aan de cumulatieve criteria van artikel 8:119 Awb Pro, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen en de proceskosten werden niet vergoed.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de onherroepelijke uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.