ECLI:NL:RVS:2025:2850
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- J.M.L. Niederer
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking standplaatsvergunning wegens onvoldoende motivering persoonlijke aanwezigheidsplicht
Het college van burgemeester en wethouders van Hendrik-Ido-Ambacht trok bij besluit van 25 november 2021 de standplaatsvergunning van appellant voor de weekmarkt voor vier dagen in wegens het niet persoonlijk innemen van de standplaats. Appellant voerde aan dat artikel 12 van Pro de Marktverordening, dat de persoonlijke aanwezigheid verplicht stelt, in strijd is met de Dienstenrichtlijn omdat het geen dwingende redenen van algemeen belang bevat en niet evenredig is.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de persoonlijke aanwezigheidsplicht in beginsel kan worden gerechtvaardigd op grond van fraudebestrijding en bescherming van consumenten, maar dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom deze plicht noodzakelijk is en waarom geen minder ingrijpende maatregelen mogelijk zijn. Het ontbreken van een gedegen motivering maakt dat het voorschrift en het daarop gebaseerde besluit niet kunnen worden gehandhaafd.
Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, het besluit van 17 mei 2022 vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen met een deugdelijke motivering. Tevens wordt bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de standplaatsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de persoonlijke aanwezigheidsplicht.