ECLI:NL:RVS:2025:2992
Raad van State
- Hoger beroep
- P.H.A. Knol
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit omgevingsvergunning kap bomen Assumburgweg Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag verleende op 15 september 2021 een omgevingsvergunning voor de kap van 17 bomen aan de Assumburgweg ten behoeve van een nieuwbouwproject. Appellant, woonachtig op een afstand van meer dan 250 meter van de bomen, maakte bezwaar tegen deze vergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, onder meer omdat hij onvoldoende belanghebbende was.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat hij geen zicht had op de gekapte bomen en dat hij had moeten worden gehoord door de bezwaarschriftencommissie in plaats van door een ambtenaar, die volgens hem vooringenomen was. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat op grond van de afstand appellant geen belanghebbende was zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht.
Verder oordeelde de Afdeling dat de keuze van het college om het bezwaar ambtelijk te laten behandelen niet leidt tot vooringenomenheid en dat de wettelijke bepalingen niet voorschrijven dat een externe adviescommissie altijd moet adviseren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het college werd niet verplicht proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor kap van 17 bomen blijft van kracht.