ECLI:NL:RVS:2025:3052
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering vernietigd besluit verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 30 maart 2023 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd opnieuw af. Betrokkene stelde beroep in tegen dit besluit bij de rechtbank Den Haag, die op 26 mei 2025 het beroep gegrond verklaarde, het besluit vernietigde en de minister opdroeg binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om uitvoering aan de uitspraak van de rechtbank te voorkomen totdat het hoger beroep is beslist. Betrokkene leverde een schriftelijke reactie.
De voorzieningenrechter weegt de belangen van beide partijen en besluit de voorlopige voorziening toe te kennen. Hierdoor hoeft de minister de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat de Afdeling een beslissing op het hoger beroep heeft genomen. De minister is niet gehouden tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De minister hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.