ECLI:NL:RVS:2025:3162
Raad van State
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens ontbreken procesbelang bij inschrijving universiteit
Appellant diende een verzoek tot inschrijving in voor de bacheloropleiding Fiscaal recht aan de Universiteit van Amsterdam. Dit verzoek werd aanvankelijk afgewezen wegens het niet aantonen van betaling van het collegegeld. Appellant maakte bezwaar en verwees daarbij naar een machtiging voor incasso van het collegegeld. Naar aanleiding van het bezwaar werd appellant alsnog ingeschreven.
Het college van bestuur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat appellant met zijn bezwaar reeds bereikt had wat hij beoogde, namelijk inschrijving. Appellant stelde weliswaar dat hij nadien niet langer ingeschreven wilde zijn, maar dit was niet het doel van het bezwaar.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bezwaar zich niet richtte tegen de inschrijving zelf en dat het college het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaarde. Het beroep werd ongegrond verklaard en het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar werd terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat appellant inmiddels was ingeschreven.