ECLI:NL:RVS:2025:3198
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door minister na ongegrond beroep rechtbank
Appellant is op 28 mei 2025 door de minister van Asiel en Migratie in bewaring gesteld. Tegen dit besluit heeft appellant beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 12 juni 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft de motivering van de rechtbank overgenomen en oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling ziet geen aanleiding om de bewaring onrechtmatig te achten en bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer op 18 juli 2025.
Uitkomst: De bewaring van appellant wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.