ECLI:NL:RVS:2025:3200
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep verblijfsvergunning asiel
Verzoeker had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag inzake een verblijfsvergunning asiel. Tijdens de procedure verleende de minister van Asiel en Migratie alsnog de gevraagde verblijfsvergunning voor bepaalde tijd aan verzoeker.
Hierdoor trok verzoeker het hoger beroep in en verzocht de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om de minister te veroordelen tot vergoeding van de gemaakte proceskosten. De Afdeling overwoog dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) proceskosten kunnen worden toegewezen indien de minister aan verzoeker is tegemoetgekomen.
Gezien de verlening van de verblijfsvergunning achtte de Afdeling de minister aan verzoeker tegemoetgekomen en wees het verzoek tot proceskostenveroordeling toe. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van €907,00 aan proceskosten, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De minister van Asiel en Migratie is veroordeeld tot vergoeding van €907 aan proceskosten na intrekking van het hoger beroep wegens verlening verblijfsvergunning.