ECLI:NL:RVS:2025:33
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing afwijzing extra toetskans HBO-Rechten wegens onvoldoende motivering evenredigheidsbeginsel
Appellant, student HBO-Rechten aan de Hogeschool van Amsterdam, vroeg om een extra toetskans voor de onderwijseenheid ‘Kopen: Adviseren in de buurt’ nadat hij deze niet had behaald vanwege overschrijding van het maximaal toegestane aantal woorden. De examencommissie wees dit verzoek af op grond van de Onderwijs- en Examenregeling (OER) en Richtlijn 12a, die maximaal twee toetskansen per studiejaar toestaat.
Appellant stelde dat hij vanwege het plotseling verliezen van zijn baan en de daaruit voortvloeiende stress niet aan de eis voldeed en dat de examencommissie op grond van het evenredigheidsbeginsel had moeten afwijken van Richtlijn 12a. Het college van beroep voor de examens (CBE) verklaarde het administratief beroep ongegrond en motiveerde dat appellant zich niet had gemeld bij de studentendecaan, wat een vereiste is voor het vaststellen van persoonlijke omstandigheden.
De Raad van State oordeelt dat het CBE ten onrechte niet heeft beoordeeld of de examencommissie op grond van het evenredigheidsbeginsel had moeten afwijken van Richtlijn 12a. Daarom is de beslissing van het CBE onvoldoende gemotiveerd en wordt deze vernietigd. De rechtsgevolgen van de beslissing blijven echter in stand, omdat de Afdeling het verzoek van appellant op inhoudelijke gronden niet toewijst. Tevens wordt het CBE veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De beslissing van het college van beroep voor de examens wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.