ECLI:NL:RVS:2025:3510
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing asielverzoek Afghaan wegens onvoldoende risico op ernstige schade bij terugkeer
Betrokkene, een Afghaanse man geboren in 1999, verzocht in Nederland om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Zijn aanvraag werd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 3 juli 2023 afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene op 4 april 2024 gegrond, vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit met inachtneming van haar uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep van de minister tegen deze uitspraak. Betrokkene stelde dat hij risico loopt op ernstige schade bij terugkeer naar Afghanistan vanwege zijn buitenechtelijke relatie met zijn nicht en zijn verwestering, waardoor de Taliban hem als afvallige zouden zien.
De Afdeling oordeelde dat de minister voldoende en individueel gemotiveerd heeft toegelicht dat betrokkene geen reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. De rechtbank had onvoldoende gemotiveerd waarom dit niet aannemelijk zou zijn. De Afdeling verwijst naar eerdere jurisprudentie dat vreemdelingen die vrijwillig terugkeren uit het Westen niet automatisch een reëel risico lopen. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd wegens onvoldoende aannemelijk risico op ernstige schade bij terugkeer.