ECLI:NL:RVS:2025:354
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet tijdig besluit machtiging voorlopig verblijf na hoger beroep
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het niet tijdig genomen besluit en gaf de staatssecretaris een termijn om alsnog te beslissen, met een dwangsom bij overschrijding.
De staatssecretaris deed verzet tegen deze uitspraak, waarop de rechtbank het verzet gegrond verklaarde en het beroep van de vreemdeling niet-ontvankelijk verklaarde. De vreemdeling ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat zij onbevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep voor zover dit gericht is tegen de uitspraak op het verzet, omdat de wet dit uitsluit. Het hoger beroep tegen de uitspraak op het beroep is ongegrond en wordt bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart zich onbevoegd voor zover het hoger beroep gericht is tegen de uitspraak op het verzet.