ECLI:NL:RVS:2025:3565
Raad van State
- Hoger beroep
- W. den Ouden
- C.H. Bangma
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatieverzoek wegens institutionele vooringenomenheid kinderopvangtoeslag 2008-2013
Appellante verzocht de Dienst Toeslagen om compensatie wegens institutionele vooringenomenheid in de beoordeling van haar kinderopvangtoeslag over de jaren 2008 tot en met 2013. De Dienst Toeslagen herbeoordeelde het dossier en vroeg advies aan de Commissie van Wijzen, die concludeerde dat er geen fouten waren gemaakt in de beoordeling van appellante's toeslag.
De Dienst Toeslagen wees het compensatieverzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep van appellante eveneens ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State deze uitspraken.
De Afdeling oordeelde dat het handelen van de Dienst Toeslagen niet gelijk kan worden gesteld met institutionele vooringenomenheid zoals bedoeld in artikel 2.1 van de Wht. De herziening van de toeslag over 2008 betrof een beperkte periode en was gebaseerd op het ontbreken van onderbouwing door appellante, zonder dat sprake was van een zerotolerance-onderzoek of het opvragen van grote hoeveelheden bewijsstukken.
Daarom komt appellante niet in aanmerking voor compensatie. De Afdeling bevestigt het eerdere oordeel en wijst het hoger beroep af. De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om compensatie wordt afgewezen.