ECLI:NL:RVS:2025:3733
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake beëindiging opvang in Landelijke Vreemdelingenvoorziening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid beëindigde per 12 december 2022 de opvang van betrokkene in de Landelijke Vreemdelingenvoorziening. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze beslissing, dat door de staatssecretaris ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister binnen zes weken een nieuw besluit op bezwaar moest nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter overwoog de belangen van partijen en besloot dat de minister geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen totdat het hoger beroep is beslist.
De gemeente Amsterdam werd als partij betrokken en leverde een schriftelijke uiteenzetting. De voorzieningenrechter bepaalde dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd op 7 augustus 2025 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De minister hoeft geen nieuw besluit op bezwaar te nemen totdat het hoger beroep is beslist.