ECLI:NL:RVS:2025:3747
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake beëindiging opvang in Landelijke Vreemdelingenvoorziening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft betrokkene per 1 maart 2024 geïnformeerd over de beëindiging van de opvang in de Landelijke Vreemdelingenvoorziening per 23 januari 2024. Betrokkene maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 14 augustus 2024 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, waarbij de minister werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat zij geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen totdat het hoger beroep is beslist. Betrokkene en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam hebben schriftelijke uiteenzettingen ingediend.
De voorzieningenrechter heeft de belangen van partijen afgewogen en besloten de voorlopige voorziening toe te wijzen. Hierdoor hoeft de minister voorlopig geen nieuw besluit op bezwaar te nemen. Tevens werd bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden.
Uitkomst: De voorzieningenrechter bepaalt dat de minister geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen totdat het hoger beroep is beslist.