ECLI:NL:RVS:2025:3755
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State bij hoger beroep tegen voortduren bewaring vreemdeling
Op 19 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Appellant stelde beroep in tegen het voortduren van deze bewaring bij de rechtbank Den Haag, die op 15 juli 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft echter geoordeeld dat zij onbevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep tegen het voortduren van de bewaring, aangezien artikel 84 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 hoger beroep tegen deze beslissing uitsluit.
Daarom verklaarde de Afdeling zich onbevoegd en wees zij het hoger beroep af. Tevens werd bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. Het vonnis werd uitgesproken door de enkelvoudige kamer op 11 augustus 2025.
Uitkomst: De Raad van State verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen het voortduren van de bewaring en wijst het af.