ECLI:NL:RVS:2025:3831
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit handhaving bedrijfsactiviteiten aan huis in Bodegraven
Appellanten verzochten het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk handhavend op te treden tegen bedrijfsactiviteiten op een perceel waar volgens hen niet-woonachtige werknemers regelmatig aanwezig waren, wat in strijd zou zijn met het bestemmingsplan 'Kern Bodegraven'. Het college wees het verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde dit oordeel.
In hoger beroep stelde de Afdeling bestuursrechtspraak vast dat het college zich had gebaseerd op momentopnames van toezichthouders en rapportages die geen overtreding aantoonbaar maakten. Echter wekten door appellanten overgelegde foto's en verklaringen de indruk van frequente werknemersbezoeken en bedrijfsvoertuigen, wat nader onderzoek rechtvaardigde.
De Afdeling oordeelde dat het college onvoldoende zorgvuldig had gehandeld door niet nader te onderzoeken of de bedrijfsactiviteiten aan huis de woonfunctie overstegen. Daarom werd het besluit vernietigd en werd het college opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werden proceskosten aan appellanten toegekend.
Uitkomst: Het besluit van het college wordt vernietigd en het beroep gegrond verklaard vanwege onvoldoende onderzoek naar de aard en frequentie van bedrijfsactiviteiten aan huis.