ECLI:NL:RVS:2025:4162
Raad van State
- Hoger beroep
- M.J.M. Ristra-Peeters
- J.R. Kraak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering toegang tot Nederland en vrijheidsontnemende maatregel
In deze zaak heeft de minister van Asiel en Migratie op 25 januari 2025 besloten om betrokkene de toegang tot Nederland te weigeren en hem een vrijheidsontnemende maatregel op te leggen. Betrokkene heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam. De rechtbank heeft op 5 februari 2025 het beroep gegrond verklaard, de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel bevolen en schadevergoeding toegekend. De minister heeft hiertegen hoger beroep ingesteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van de minister op 29 augustus 2025 behandeld. De Afdeling oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het Justitieel Complex Schiphol geen gespecialiseerde bewaringsaccommodatie is, waardoor de grensdetentie onrechtmatig zou zijn. De Afdeling verwijst naar eerdere uitspraken om haar oordeel te onderbouwen.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van betrokkene ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door mr. M.J.M. Ristra-Peeters, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Kraak, griffier.