ECLI:NL:RVS:2025:5262
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.A. de Poorter
- J.Th. Drop
- V.V. Essenburg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid bewaring vreemdeling en toetsing motivering risico onderduiken
De minister stelde betrokkene op 18 juli 2025 in bewaring wegens risico op onttrekking aan vreemdelingentoezicht, gebaseerd op zware en lichte gronden uit het Vreemdelingenbesluit 2000. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en kende schadevergoeding toe, stellende dat de motivering onvoldoende was toegespitst op de situatie van betrokkene.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte afweek van eerdere jurisprudentie en dat de minister de motivering van het risico op onderduiken voldoende heeft toegespitst op betrokkene. De Afdeling bevestigt dat het voldoen aan zware gronden een vermoeden van risico oplevert, maar dat individuele motivering en toetsing aan artikel 6 van Pro het EU-Handvest behouden blijft.
Betrokkene voerde aan dat lichter middelen toegepast hadden moeten worden en dat hij vrijwillig zou terugkeren, maar de Raad van State wijst dit af vanwege tegenstrijdige verklaringen en onvoldoende bewijs. De Afdeling verklaart het hoger beroep van de minister gegrond, vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het beroep van betrokkene ongegrond en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.