ECLI:NL:RVS:2025:5347
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over weigering omgevingsvergunning aanleg waterpartij wegens mogelijke onevenredige aantasting landschap
Appellant vroeg een omgevingsvergunning aan voor de aanleg van een waterpartij op zijn perceel in Nieuwer Ter Aa, welke door het college werd geweigerd vanwege mogelijke onevenredige aantasting van cultuurhistorische, natuurlijke en landschapswaarden. Na diverse besluiten en procedures vernietigde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State eerdere besluiten en bepaalde dat het college het besluit opnieuw moest nemen.
De Afdeling beoordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom de waterpartij een onevenredige aantasting van het landschap zou veroorzaken. Hoewel de waterpartij afwijkt van de traditionele verkavelingsstructuur, is dat op zichzelf geen reden voor een onevenredige aantasting. Bovendien is het zicht op de waterpartij beperkt door bestaande landschapselementen zoals bomenrijen en een wal.
De Afdeling concludeert dat het college het gebrek in de motivering moet herstellen binnen acht weken en bij een standpunt van onevenredige aantasting dit goed moet onderbouwen. Indien het college tot de conclusie komt dat geen sprake is van een onevenredige aantasting, moet de vergunning worden verleend. De Afdeling zal bij het uitblijven van een herziening ervan uitgaan dat geen onevenredige aantasting plaatsvindt.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit binnen acht weken te heroverwegen en beter te motiveren over de onevenredige aantasting van het landschap door de waterpartij.