ECLI:NL:RVS:2025:5612
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen aanwijzing locatie ondergrondse perscontainer voor restafval in Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht heeft bij besluit van 28 maart 2023 een locatie aangewezen voor het plaatsen van een ondergrondse perscontainer voor restafval (ORAC). Appellant, wonend naast deze locatie, maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 16 juli 2024 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Appellant voerde aan dat hij voorafgaand aan het besluit niet correct was geïnformeerd en dat het college in strijd met het zorgvuldigheids- en vertrouwensbeginsel had gehandeld door de locatie aan te wijzen, terwijl in eerdere voorlichtingstekening uit 2019 geen ORAC op die plek was voorzien. De Afdeling oordeelde dat geen sprake was van een toezegging waarop appellant mocht vertrouwen en dat het college beleidsruimte heeft om locaties aan te passen.
Verder stelde appellant dat de plaatsing van de ORAC tot overlast en waardedaling van zijn woning zou leiden. De Afdeling achtte de hinder door geluid en verkeer aannemelijk maar niet zodanig dat het college de locatie niet mocht aanwijzen. Ook was appellant niet geslaagd in zijn betoog dat een alternatieve locatie geschikter was. De Afdeling concludeerde dat het college de locatie geschikt mocht achten en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanwijzing van de locatie voor de ondergrondse perscontainer wordt ongegrond verklaard.