ECLI:NL:RVS:2025:5734
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling reikwijdte Woo-verzoek bij benoeming specifieke documenten zonder duidelijke aangelegenheid
De zaak betreft een hoger beroep van een verzoeker tegen de raad van bestuur van de Kansspelautoriteit over de hernieuwde openbaarmaking van tien documenten op grond van de Wet open overheid (Woo). De verzoeker had eerder documenten deels openbaar gekregen, maar wilde volledige openbaarmaking omdat de informatie inmiddels ouder was en de Woo een ander regime kent dan de voorganger Wob.
De raad had het verzoek deels ingewilligd, maar weigerde delen openbaar te maken omdat die buiten de reikwijdte van het verzoek vielen. De rechtbank had geoordeeld dat de verzoeker niet volstond met het noemen van documenten zonder de onderliggende aangelegenheid te benoemen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat een verzoeker bij het noemen van specifieke documenten in beginsel kan volstaan, mits uit het verzoek of de naam of inhoud van het document duidelijk blijkt welke aangelegenheid wordt bedoeld. Is dat niet het geval, dan moet de verzoeker op verzoek verduidelijken over welke aangelegenheid het gaat. De Afdeling vernietigt het vonnis van de rechtbank en het besluit van de raad voor zover deze het eerste document zonder duidelijke aangelegenheid beoordeelden volgens het eerdere Wob-verzoek. De raad wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De Afdeling veroordeelt de raad tot vergoeding van proceskosten en stelt dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de raad wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen over de openbaarmaking van het eerste document met inachtneming van de aangelegenheid.