ECLI:NL:RVS:2025:58
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering uitspraak verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 17 januari 2022 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank stelde de vreemdeling op 10 maart 2023 in de gelegenheid om nader bewijs te verzamelen. Bij uitspraak van 17 december 2024 verklaarde de rechtbank het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit dient te nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij de uitspraak van de rechtbank niet hoeft uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie op dit verzoek.
De voorzieningenrechter overwoog de belangen van beide partijen en besloot de voorlopige voorziening toe te kennen. Hierdoor hoeft de minister de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist. De minister is niet gehouden tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De minister hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.