ECLI:NL:RVS:2025:6139

Raad van State

Datum uitspraak
17 december 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
202401207/1/A3
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen besluit college van burgemeester en wethouders van Roosendaal inzake verandering uitweg Atoomweg 22

Op 12 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal een besluit genomen om de verandering van de uitweg op het perceel Atoomweg 22 te Roosendaal toe te staan. Dit besluit werd aangevochten door appellanten, waaronder SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en anderen, die bezwaar maakten tegen de niet-ontvankelijkverklaring van hun bezwaar door het college. De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarop zij hoger beroep instelden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak behandeld op 6 juni 2025. De rechtbank oordeelde dat de appellanten geen gevolgen van betekenis ondervinden van de verandering van de uitweg, omdat hun percelen niet ontsluiten op de Atoomweg. De Afdeling bevestigde dit oordeel en oordeelde dat het college voldoende gemotiveerd had dat de verkeersveiligheid niet in het geding was. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de appellanten niet-ontvankelijk waren in hun bezwaar en dat de wijziging van de uitweg niet verboden hoefde te worden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan V.O.G. Beheer B.V.

Uitspraak

202401207/1/A3.
Datum uitspraak: 17 december 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C], SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V., alle gevestigd in Roosendaal, en [appellant D] wonend in Roosendaal (hierna gezamenlijk: [appellante A] en anderen)
appellanten,
tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-­West­-Brabant van 9 januari 2024 in zaak nr. 23/2988 in het geding tussen:
[appellante A] en anderen
en
het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal.
Procesverloop
Bij besluit van 12 oktober 2022 heeft het college de verandering van de uitweg op het perceel Atoomweg 22 te Roosendaal toegestaan.
Bij besluit van 11 april 2023 heeft het college het bezwaar van SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] niet-ontvankelijk verklaard en het bezwaar van [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 9 januari 2024 heeft de rechtbank het door [appellante A] en anderen daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak hebben [appellante A] en anderen hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 6 juni 2025, waar [appellante A] en anderen, vertegenwoordigd door mr. R.M. Königel, advocaat in Etten-Leur, en het college, vertegenwoordigd door M. van Kooten, zijn verschenen.
Overwegingen
Inleiding
1.       Op 27 september 2022 is door Daiwa House Modular Europe B.V. een melding ingediend voor het veranderen van een bestaande uitweg op het perceel Atoomweg 22 te Roosendaal. Het college heeft bij het besluit van 12 oktober 2022 de verandering toegestaan. [appellante A] en anderen hebben tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Bij het besluit van 11 april 2023 heeft het college het bezwaar voor zover ingediend door SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] niet-ontvankelijk verklaard. Het college heeft het bezwaar voor zover ingediend door [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] ongegrond verklaard.
Wettelijk kader
2.       Artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening luidt:
1.       Het is verboden een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg als:
a.       daarvan niet van tevoren melding is gedaan aan het college, onder indiening van een situatieschets van de gewenste uitweg en een foto van de bestaande situatie; of
b.       het college het maken of veranderen van de uitweg heeft verboden.
(…)
3.       Het college verbiedt het maken of veranderen van de uitweg als:
a.       daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht;
(…)
Aangevallen uitspraak
3.       De rechtbank heeft geoordeeld dat SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] door het college terecht niet-ontvankelijk zijn verklaard. Hun percelen ontsluiten niet op de Atoomweg en de eigenaars van de panden ondervinden geen gevolgen van enige betekenis. Het zicht op het perceel Atoomweg 22 is daarin geen factor. De ruimtelijke impact van het veranderen van de uitweg is gelegen in een toename van het aantal verkeersbewegingen op en nabij de ontsluitingen van het perceel Atoomweg 22. SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] onderscheiden zich daarmee onvoldoende van andere weggebruikers van de Atoomweg.
3.1.    De rechtbank heeft verder geoordeeld dat het college voldoende heeft gemotiveerd dat er geen redenen zijn om het veranderen van de uitweg te verbieden. Van een verkeersonveilige situatie is geen sprake. Omdat de uitwegen zich in de nabijheid van een haakse bocht bevinden, zijn hoge snelheden niet aan de orde. De wijziging draagt bij aan de verkeersveiligheid, omdat de voertuigen in de gewijzigde situatie gebruik zullen maken van één uitweg om het terrein op te rijden en de andere uitweg om het terrein te verlaten. Het lag volgens de rechtbank niet op de weg van het college om te onderzoeken of er alternatieven zijn die minder bezwarend zijn. Het college heeft het door [appellante A] en anderen aangedragen alternatief wel onderzocht, maar zich op het standpunt gesteld dat het uit het oogpunt van verkeersveiligheid onwenselijk is om een uitweg te realiseren op het nabijgelegen Spectrum. Een door [appellante A] en anderen ingeschakelde deskundige, Walraad Verkeersadvisering B.V., heeft een ontsluiting op het Spectrum juist meer wenselijk gevonden dan een ontsluiting op de Atoomweg. Volgens de rechtbank kan aan de opvatting van Walraad geen doorslaggevende betekenis worden gegeven. Daarmee is namelijk niet gezegd of onderbouwd dat door het veranderen van de uitweg op de Atoomweg het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht.
Hoger beroep
4.       In hoger beroep komen SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] op tegen het oordeel van de rechtbank dat zij terecht niet-ontvankelijk zijn verklaard in hun bezwaar. V.O.G. Beheer B.V. stelt dat zij een ontsluiting heeft aan de Atoomweg en dat daar doeken hangen van het bedrijf. Ook heeft V.O.G. Beheer B.V. twee ontsluitingen op de naastgelegen Bakkersbergweg en drie ontsluitingen op de Ettenseweg. Uit het ‘Memo ontsluiting van de huisvesting arbeidsmigranten’ (hierna: Memo) van Walraad blijkt volgens V.O.G. Beheer B.V. dat de arbeidsmigranten, die zullen komen te wonen op het perceel Atoomweg 22, via de Bakkersbergweg naar de Ettenseweg zullen rijden. Dit zal een verkeersonveilige situatie opleveren voor V.O.G. Beheer B.V.. In het Memo van Walraad staat verder dat bij de ontsluiting via de Atoomweg het langzaam verkeer via een fietspad naar het Spectrum zal gaan. SMS Pompen Service B.V. en SMS Metaal Service B.V. rijden met zwaar vrachtverkeer naar het Spectrum. Ook zal het langzaam verkeer via de Neutronweg rijden, alwaar [appellant D] woont. Om die reden onderscheiden SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V., V.O.G. Beheer B.V. en [appellant D] zich daarom van anderen.
4.1.    Voor zover de rechtbank inhoudelijk is ingegaan op het beroep van [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] betogen deze bedrijven in hoger beroep dat de rechtbank niet heeft onderkend dat er een verkeersonveilige situatie is en de toegestane uitweg een gevaar voor het verkeer oplevert als bedoeld in artikel 4 van de Beleidsregels toetsen melding uitweg gemeente Roosendaal (hierna: Beleidsregels). Volgens hen kan het standpunt van het college dat de uitwegen zich in de nabijheid van een haakse bocht bevinden niet standhouden. Uit een aanvullende reactie van Walraad blijkt dat de bocht alleen op de eerste dertig meter een snelheidsremmend effect heeft. Ook is ten onrechte betrokken dat voertuigen gebruik zullen maken van één uitweg om het terrein op te rijden en de andere uitweg om het terrein te verlaten.
4.2.    [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] stellen dat het Memo van Walraad wel doorslaggevend moet worden geacht. Uit het Memo volgt dat de maximumsnelheid op de Atoomweg 50 kilometer per uur is en over de weg een relatief groot aandeel zwaar verkeer rijdt, maar dat er geen fietspaden en trottoirs aanwezig zijn. De uitweg ligt vlak naast de haakse bocht en is voor verkeer vanaf de Bakkersbergweg een onoverzichtelijk punt. De uitweg ligt daarnaast op 0,7 kilometer afstand van een supermarkt waarvoor weliswaar illegaal lopend een autosnelweg moet worden overgestoken. Ook al is de kans dat personen dit zullen doen klein, zijn de gevolgen voor de verkeersveiligheid groot, zo stelt Walraad in het Memo. De rechtbank heeft de conclusie van Walraad dat de ontsluiting aan de Atoomweg verkeersonveilig is volgens [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] niet weersproken.
4.3.    [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] betogen verder dat de rechtbank niet heeft onderkend dat alternatieven voor de uitweg een rol kunnen spelen bij het verlenen van toestemming voor het veranderen van een uitweg. Walraad heeft in het Memo een ontsluiting aan de Atoomweg verkeersonveilig geacht, terwijl een ontsluiting aan het Spectrum wel mogelijk is. Ook heeft het Spectrum oversteekvoorzieningen en afzonderlijke fietspaden, waardoor de verschillende verkeersdeelnemers van elkaar gescheiden zijn.
4.4.    [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V. en [appellante C] betogen ten slotte dat Walraad in het Memo wijst op een tekort aan parkeerplaatsen in verband met de huisvesting van arbeidsmigranten. Dit zal ervoor zorgen dat in de omgeving geparkeerd zal worden en dit zal ook leiden tot verkeersonveilige situaties. Volgens hen is de rechtbank hier ten onrechte niet op ingegaan.
Beoordeling ontvankelijkheid
5.       De Afdeling is met de rechtbank van oordeel dat SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V. en [appellant D] terecht niet-ontvankelijk zijn verklaard in hun bezwaar. Zoals de rechtbank terecht heeft vastgesteld ontsluiten hun percelen niet op de Atoomweg. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat zij geen gevolgen van enige betekenis ondervinden van de toegestane uitweg. De Afdeling volgt niet de stelling dat het belang erin is gelegen dat door het veranderen van de uitweg het langzaam rijdend verkeer via het Spectrum en de Neutronweg zal rijden. Die mogelijkheid is er ongeacht het veranderen van de uitweg op de Atoomweg. Bovendien bevat het Spectrum een vrijliggend fietspad, waardoor de verkeersdeelnemers van elkaar zijn gescheiden.
5.1.    Ter zitting in hoger beroep is gebleken dat V.O.G. Beheer B.V., gevestigd aan de Ettenseweg 76, een uitweg heeft op de hoek van de Bakkersbergweg en de Atoomweg. De Afdeling is van oordeel dat gevolgen van enige betekenis voor V.O.G. Beheer B.V. van de veranderde uitweg daarom niet zijn uitgesloten. V.O.G. Beheer B.V. is dus wel belanghebbende  bij het besluit tot het veranderen van de uitweg op het perceel Atoomweg 22. De rechtbank heeft dit niet onderkend. Naar het oordeel van de Afdeling had het college dan ook het bezwaar van V.O.G. Beheer B.V. inhoudelijk moeten behandelen. Hoewel het besluit van 11 april 2023 in zoverre een gebrek bevat, ziet de Afdeling aanleiding dit gebrek met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) te passeren, nu de Afdeling het aannemelijk acht dat de inhoudelijke behandeling van het bezwaar door het college met inachtneming van de belanghebbendheid van V.O.G. Beheer B.V. niet zou hebben geleid tot een andere inhoudelijke uitkomst van de bezwaarprocedure. Dit, omdat in bezwaar één bezwaarschrift namens de gezamenlijke ondernemers is ingediend en alle bezwaren door het college zijn beoordeeld en ongegrond verklaard. V.O.G. Beheer B.V. heeft geen andere bezwaren ingediend, ook niet over hun uitweg op de Atoomweg. V.O.G. Beheer B.V. is onder deze omstandigheden door de niet-ontvankelijkverklaring in zoverre niet benadeeld.
5.2.    Dit leidt tot de conclusie dat de Afdeling niet inhoudelijk op het hoger beroep zal ingaan, voor zover dat namens SMS Pompen Service B.V., SMS Metaal Service B.V. en [appellant D] is ingediend. Hierna zal de Afdeling het hoger beroep, voor zover ingesteld door de andere ondernemers   wel inhoudelijk behandelen.
Inhoudelijke beoordeling
6.       Uit artikel 2:12 van de APV volgt dat het verboden is een uitweg te maken of te veranderen als het college dat verbiedt en dat het college het maken van een uitweg of het brengen van een verandering in een uitweg verbiedt als daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht. [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C] en V.O.G. Beheer B.V. voeren aan dat de Atoomweg niet toegerust is om gemengd verkeer met een snelheid van 50 kilometer per uur af te kunnen wikkelen. Het college heeft in het besluit en in beroep toegelicht dat door de ligging van de uitweg hoge snelheden niet aan de orde zijn en hoe de veiligheid door de wijziging van de uitweg ook bij een eventuele toename in verkeersbewegingen juist zal toenemen. Uit de stukken komt naar voren dat de Atoomweg al was ingericht op deze situatie en dat het veranderen van de uitweg op het perceel Atoomweg 22 in een in- en uitrit daar geen verandering in brengt. De Afdeling volgt [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C] en V.O.G. Beheer B.V. ook niet in hun betoog dat er een risico ontstaat dat personen de autosnelweg (met greppel en vangrail) over zullen steken om naar de supermarkt te gaan. Het veranderen van de uitweg op het perceel Atoomweg 22 heeft met een dergelijk gedrag niks van doen en zegt niets over de verkeersveiligheid op deze autosnelweg. De Afdeling volgt daarom het oordeel van de rechtbank dat het college het besluit wat de verkeersveiligheid betreft voldoende gemotiveerd heeft.
6.1.    [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C] en V.O.G. Beheer B.V. voeren verder nog in hoger beroep aan dat het tekort aan parkeerplaatsen ervoor zal zorgen dat in de omgeving geparkeerd zal worden en dit zal leiden tot verkeersonveilige situaties. Ook dit betoog slaagt niet Het Memo van Walraad benoemt namelijk niet dat door een gebrek aan parkeerplaatsen op het perceel Atoomweg 22 auto’s in de omgeving zullen parkeren en dit zal leiden tot verkeersonveilige situaties. Het Memo is opgesteld om de wenselijkheid van de arbeidsmigrantenhuisvesting te beoordelen en niet de veiligheid van de weg. Walraad verbindt bovendien geen conclusies aan het, door Walraad zelf berekende, ontoereikende geachte aantal parkeerplaatsen. Dit is een invulling door de bedrijven zelf. Dit is echter een dusdanig onzekere omstandigheid dat het college daar naar het oordeel van de Afdeling bij de beoordeling van de verkeersveiligheid geen rekening mee hoeft te houden.
6.2.    Het college heeft onderzocht of, zoals [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C] en V.O.G. Beheer B.V. hebben voorgesteld, een uitweg op het Spectrum mogelijk is als alternatief voor de situatie zoals opgenomen in de melding. Het college is daarbij tot de conclusie gekomen dat dit vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid onwenselijk is. Nog daargelaten of een alternatief feitelijk beschikbaar is, heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat het bestaan van een alternatief nog niet betekent dat door het wel veranderen van de uitweg op het perceel Atoomweg 22 het verkeer op die weg in gevaar wordt gebracht. Naar het oordeel van de Afdeling heeft de rechtbank terecht overwogen dat het college voldoende gemotiveerd dat het verkeer op de Atoomweg niet in gevaar wordt gebracht. Het college hoeft daarom het veranderen van de uitweg niet te verbieden. Het betoog van [appellante A], [appellant B], Sucom Nederland B.V., [appellante C] en V.O.G. Beheer B.V. slaagt niet.
Conclusie
7.       Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.
8.       Het college moet de proceskosten vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.        bevestigt de aangevallen uitspraak;
II.       veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal tot vergoeding van bij V.O.G. Beheer B.V. in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.814,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand;
III.      gelast dat het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal aan V.O.G. Beheer B.V. het door haar voor de behandeling van het beroep en hoger beroep betaalde griffierecht ten bedrag van € 559,00 vergoedt.
Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, voorzitter, en mr. J. Th. Drop en mr. V.V. Essenburg, leden, in tegenwoordigheid van mr. I.W.M.J. Bossmann, griffier.
w.g. Scholten-Hinloopen
voorzitter
w.g. Bossmann
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 17 december 2025
314-1104