ECLI:NL:RVS:2025:6210
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning kappen bomen in buurtmoestuin ondanks ecologische bezwaren
Het college van burgemeester en wethouders van Diemen verleende op 18 maart 2024 een omgevingsvergunning voor het kappen van twee fijnsparren in een buurtmoestuin, met een herplantplicht van twee fruitbomen binnen twee jaar. Verzoeker, lid en beheerder van de moestuin, betwistte de noodzaak van het kappen vanwege de ecologische waarde van de bomen en stelde dat het onderzoek naar de conditie en ecologie onvoldoende was.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond, waarna verzoeker hoger beroep instelde bij de Raad van State en tevens een voorlopige voorziening verzocht. De voorzieningenrechter oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het college de vergunning terecht had verleend. De beoordeling van de bomen volgens de gemeentelijke Bomenverordening en de beleidsnotitie leidde tot een totaalscore van 30 punten, wat een positief advies opleverde.
Het advies van een externe firma en de door verzoeker overgelegde foto's en ecologische argumenten boden volgens de voorzieningenrechter geen aanleiding om het college te verplichten een uitgebreidere analyse te verrichten of de vergunning te weigeren. De aanwezigheid van vleermuizen in de buurt werd niet als bewijs gezien voor vaste verblijfplaatsen in de bomen. De uitspraak bevestigt dat het college zorgvuldig heeft gehandeld en dat de belangen van natuur- en milieuwaarden voldoende zijn meegewogen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen; de vergunning voor het kappen van de bomen blijft van kracht.