ECLI:NL:RVS:2025:6430
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek openbaarmaking WOZ-documenten op grond van bijzondere openbaarmakingsregeling
Appellant verzocht om openbaarmaking van documenten over de vastgestelde waarde van een woning op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). De directeur van Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland wees dit verzoek af, omdat de Wet WOZ specifieke regels bevat die voorgaan op het algemene regime van de Wet open overheid (Woo).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de Wet WOZ een bijzondere, uitputtende openbaarmakingsregeling kent die prevaleert boven de Woo, ook al staan de relevante artikelen niet in de bijlage van de Woo. Appellant stelde in hoger beroep dat dit in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel, het legaliteitsbeginsel en het recht op toegang tot informatie zoals vastgelegd in artikel 10 EVRM Pro.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de Wet WOZ een bijzondere regeling bevat die niet door de Woo wordt verdrongen. De wetsgeschiedenis en de Verzamelwet BZK bevestigen dat de wetgever geen verandering in het openbaarmakingsregime van de Wet WOZ heeft beoogd. De beperking van openbaarheid is bij wet voorzien en het beroep op artikel 10 EVRM Pro faalt. Ook hoeft het verzoek niet te worden opgevat als een verzoek tot opheffing van geheimhouding omdat het een bijzonder openbaarmakingsregime betreft.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De directeur hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot openbaarmaking van WOZ-documenten bevestigd.