ECLI:NL:RVS:2025:69
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door minister na ongegrond beroep rechtbank
De minister van Asiel en Migratie stelde de vreemdeling bij besluit van 6 november 2024 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, die dit beroep bij uitspraak van 28 november 2024 ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling nam de motivering van de rechtbank over en oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe relevante vragen bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling zag ook geen reden om de bewaring ambtshalve onrechtmatig te achten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en de minister werd niet verplicht proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het besluit tot bewaring en verklaart het hoger beroep ongegrond.