ECLI:NL:RVS:2025:919
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Wissels
- M. Soffers
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens overdracht aan Kroatië
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam de asielaanvraag van een Pakistaanse vreemdeling niet in behandeling omdat Kroatië verantwoordelijk was volgens de Dublinverordening. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens het ontbreken van een aanvullend gehoor over de overdracht aan Kroatië.
De minister stelde in hoger beroep dat het beleid was gewijzigd en dat schriftelijke reactie volstond. De Raad van State oordeelde dat de minister conform het geldende beleid de vreemdeling schriftelijk in de gelegenheid had gesteld zijn bezwaren kenbaar te maken, wat voldoende was.
De vreemdeling stelde dat Kroatië niet vertrouwd kon worden vanwege pushbacks en politiegeweld, maar de Raad volgde het eerdere oordeel dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel van toepassing is en dat de minister terecht geen asielaanvraag in behandeling nam.
Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en het beroep van de vreemdeling ongegrond.