ECLI:NL:RVS:2026:1073
Raad van State
- Hoger beroep
- N.H. van den Biggelaar
- Rechtspraak.nl
Vaststelling strijdigheid liftombouw met redelijke eisen van welstand en weigering omgevingsvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van de voormalige gemeente De Marne wees in 2017 een aanvraag af voor wijziging van een omgevingsvergunning voor de bouw van een liftombouw op een perceel in Zoutkamp. De aanvraag was ingediend om een reeds geplaatste liftombouw te legaliseren, die volgens de welstandscommissie te groot was en daarmee in strijd met redelijke eisen van welstand.
De rechtbank verklaarde het beroep van de eigenaar gegrond vanwege een motiveringsgebrek in het besluit op bezwaar, met name over de vraag of nieuwe tekeningen een wijziging van ondergeschikte aard vormden en of deze aan de welstandscommissie voorgelegd hadden moeten worden. Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college de nieuwe tekeningen terecht als een wijziging van ondergeschikte aard heeft beschouwd en dat het niet verplicht was deze opnieuw aan de welstandscommissie voor te leggen, omdat de omvang van de liftombouw ongewijzigd bleef en de negatieve adviezen daarop waren gebaseerd. Tevens werd bevestigd dat het college zich op de welstandsadviezen mocht baseren en dat er geen ruimte was voor een belangenafweging bij de weigering van de vergunning.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank en het besluit van 15 februari 2024, verklaarde het beroep van de eigenaar ongegrond en bevestigde daarmee de weigering van de omgevingsvergunning voor de liftombouw.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor de liftombouw wegens strijd met redelijke eisen van welstand.