ECLI:NL:RVS:2026:1338
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak inzake leeftijdsonderzoek bij asielaanvraag
Appellant heeft een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aangevraagd, welke door de minister van Asiel en Migratie op 30 januari 2025 is ingewilligd. De rechtbank verklaarde het door appellant ingestelde beroep tegen dit besluit ongegrond op 21 mei 2025. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen gronden bevat die de uitspraak van de rechtbank vernietigen. De klacht van appellant richt zich op het oordeel dat de minister nader onderzoek mocht doen naar haar leeftijd, maar deze grief is reeds in eerdere jurisprudentie verworpen.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 10 maart 2026.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.