ECLI:NL:RVS:2026:1355
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Wissels
- M. Soffers
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vervallenverklaring en vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel
Betrokkene, een Afghaanse asielzoeker die sinds 2015 in Nederland verblijft, had een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 31 juli 2024 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde. Betrokkene stelde incidenteel hoger beroep in.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde vast dat het incidenteel hogerberoepschrift niet aan het dossier was toegevoegd, waardoor de Afdeling niet op het incidenteel hoger beroep had beslist. Daarom verklaarde de Afdeling de uitspraak van 21 januari 2026 vervallen en deed opnieuw uitspraak.
De Afdeling oordeelde dat de minister terecht had betoogd dat vreemdelingen die vrijwillig terugkeren naar Afghanistan na verblijf in het Westen niet automatisch een reëel risico op ernstige schade lopen. Het incidenteel hoger beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard omdat het geen vragen bevatte die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Betrokkene voerde aan dat zijn activiteiten als turnleraar aan vrouwen in Afghanistan en Nederland hem risico's bij terugkeer opleveren, maar de minister had dit niet onterecht ongeloofwaardig geacht en betrokkene had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat dit tot problemen met de Taliban zou leiden. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de minister gegrond, het incidenteel hoger beroep ongegrond en het beroep ongegrond, en vernietigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep van de minister gegrond, waarbij de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.