ECLI:NL:RVS:2026:1910
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing uitspraak rechtbank inzake herbeoordeling kinderopvangtoeslag
De Dienst Toeslagen wees een herbeoordelingsaanvraag van kinderopvangtoeslag van een aanvrager die in het buitenland woont af wegens overschrijding van de wettelijke termijn. De aanvrager beriep zich op de hardheidsclausule van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en beval de Dienst Toeslagen om de aanvraag inhoudelijk te beoordelen.
De Dienst Toeslagen stelde hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om schorsing van de uitspraak van de rechtbank, omdat uitvoering onomkeerbare gevolgen zou hebben. De voorzieningenrechter oordeelde dat de uitspraak van de rechtbank ertoe leidt dat de Dienst Toeslagen de aanvraag inhoudelijk moet beoordelen, ook al is de wettelijke termijn verstreken.
De voorzieningenrechter weegt het belang van de Dienst Toeslagen om de uitspraak niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist zwaarder dan het belang van de aanvrager op een snelle inhoudelijke beslissing. De uitspraak van de rechtbank wordt daarom geschorst totdat het hoger beroep is behandeld, wat naar verwachting begin juli 2026 zal plaatsvinden.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst totdat op het hoger beroep is beslist.