ECLI:NL:RVS:2026:1920
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling hogere geluidbelasting en saneringsmaatregelen in Noordwijk
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat heeft bij besluit van 8 april 2022 voor woningen binnen de geluidszone langs wegen in Noordwijk, waaronder de woning van appellant, een ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vastgesteld van 60 dB. Appellant betoogde dat het saneringsprogramma onzorgvuldig tot stand is gekomen, met name omdat geen onderzoek is gedaan naar de geluidhinder door een verkeersdrempel nabij zijn woning en dat het saneringsprogramma geen maatregel bevat om deze drempel te verwijderen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overweegt dat de staatssecretaris gebonden is aan het door het college van burgemeester en wethouders ingediende saneringsprogramma, maar dat hij dit programma moet beoordelen en bij gegronde redenen kan terugleggen. Het akoestisch onderzoek waarop het programma is gebaseerd, is uitgevoerd volgens de wettelijk voorgeschreven standaardrekenmethode, die betrouwbaar is voor vrijwel alle situaties. De verkeersdrempel nabij de woning van appellant heeft een zeer flauwe helling en leidt niet tot een halvering van de verkeerssnelheid, zodat geen optrekcorrectie in de geluidberekening wordt toegepast.
De Afdeling acht het niet aannemelijk dat sprake is van een bijzondere situatie die een andere rekenmethode of aanvullende metingen vereist. Ook is het verwijderen van de verkeersdrempel geen doeltreffende maatregel om de geluidbelasting te verlagen, omdat deze geen wezenlijke invloed heeft op het geluidsniveau. Het beroep van appellant wordt daarom ongegrond verklaard en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vaststelling van een hogere geluidbelasting van 60 dB wordt ongegrond verklaard.