ECLI:NL:RVS:2026:1979
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring door minister van Asiel en Migratie na beroep
Appellant is bij besluit van 24 februari 2026 door de minister van Asiel en Migratie in bewaring gesteld. Tegen dit besluit heeft appellant beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 11 maart 2026 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft de motivering van de rechtbank overgenomen en oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Ook zijn er geen vragen over Unierecht aan de orde.
De Afdeling ziet geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De bewaring van appellant wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.