ECLI:NL:RVS:2026:2263
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verstrekking VOG voor begeleider gehandicaptenzorg na eerdere afwijzing
Appellant heeft op 23 november 2023 een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd voor de functie van begeleider gehandicaptenzorg. De staatssecretaris wees de aanvraag af vanwege een strafrechtelijke veroordeling voor drugshandel en het aanwezig hebben van drugs, waarbij het risico voor de samenleving te groot werd geacht.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde bij uitspraak van 13 augustus 2025 het eerdere besluit van de staatssecretaris omdat onvoldoende was gemotiveerd waarom appellant geen VOG zou krijgen. De staatssecretaris had onder meer nagelaten mee te wegen dat appellant een first-offender is, zijn jonge leeftijd en de omstandigheden van het strafbare feit, en had onvoldoende aandacht besteed aan het positieve advies van de werkgever.
Bij besluit van 2 oktober 2025 handhaafde de staatssecretaris de afwijzing, maar de Afdeling oordeelde dat dit besluit een herhaling was van het eerder vernietigde besluit zonder nieuwe motivering. Daarom werd het besluit van 2 oktober 2025 vernietigd, het besluit van 10 januari 2024 herroepen en de staatssecretaris opgedragen binnen vier weken een VOG te verstrekken. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het afwijzingsbesluit en draagt op binnen vier weken een VOG te verstrekken aan appellant.