ECLI:NL:RVS:2026:2296
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen last onder dwangsom voor verbouwing en gebruik stallen zonder vergunning
In deze zaak hebben appellanten twee stallen op hun perceel verbouwd en gebruikt zonder de vereiste omgevingsvergunning. Het college legde hen een last onder dwangsom op wegens deze overtreding. Appellanten ontvingen aanvankelijk een tijdelijke omgevingsvergunning voor de verbouwing, die later werd herroepen. De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar en herroept de last onder dwangsom.
Appellanten gingen in hoger beroep tegen de overwegingen dat de bouwwerkzaamheden, de plaatsing van zonnepanelen en het gebruik vergunningplichtig zijn en dat het college bevoegd is handhavend op te treden. De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat de tijdelijke omgevingsvergunning inmiddels onherroepelijk is geworden, waardoor de verbouwing voor opslagdoeleinden is toegestaan en het college niet langer bevoegd is handhavend op te treden.
Ook de zonnepanelen mogen zonder vergunning worden geplaatst op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Hierdoor ontbreekt het appellanten aan belang bij een inhoudelijke behandeling van het hoger beroep. De Afdeling verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk en veroordeelt het college niet tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de tijdelijke omgevingsvergunning onherroepelijk is geworden en het college geen handhavend optreden meer kan instellen.