ECLI:NL:RVS:2026:2426
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering inschrijving in basisregistratie personen per gewenste datum
Appellante verzocht om inschrijving in de basisregistratie personen (BRP) per 2 maart 2024 op een adres in Leiden. Het college van burgemeester en wethouders weigerde aanvankelijk deze inschrijving, waarna na bezwaar en voorlopige voorzieningen de inschrijving per 8 maart 2024 werd bevestigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat de datum van inschrijving volgens de wet de datum van ontvangst van de aangifte is, hier 8 maart 2024. Appellante stelde dat vanwege een technische fout bij de gemeente en haar vermelding op het inschrijfformulier de datum 2 maart 2024 gehanteerd moest worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat artikel 2.19, vierde lid, van de Wet BRP bepaalt dat de datum van vestiging de dag van ontvangst van de aangifte is. De omstandigheden van appellante veranderen hieraan niets. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 29 april 2026.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de inschrijving per 8 maart 2024 bevestigd.