ECLI:NL:RVS:2026:2435
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid gedeeltelijke inzage en weigering verwijdering politiegegevens
De appellant verzocht de korpschef van politie om inzage in zijn politiedossier en om verwijdering en wijziging van bepaalde registraties die volgens hem onjuist waren. De korpschef verleende gedeeltelijke inzage en verwijderde één registratie, maar weigerde andere gegevens te verwijderen omdat deze noodzakelijk zijn voor politietaken en hulpverlening.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat onjuiste medische gegevens onterecht in de systemen stonden en dat hij inzage wilde in een geheim onderzoek. Tevens vorderde hij een schadevergoeding van € 500.000,- wegens reputatieschade.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de twee registraties inmiddels zijn vernietigd en dat appellant geen belang meer had bij beoordeling van verwijdering. De weigering tot volledige inzage werd bevestigd omdat appellant geen toestemming gaf voor inzage in vertrouwelijke stukken. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen wegens onbevoegdheid en onvoldoende onderbouwing.
De Afdeling bevestigde daarmee het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af voor zover het betrekking had op een bedrag tot € 25.000,-. Voor het meerdere verklaarde zij zich onbevoegd.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de rechtmatigheid van gedeeltelijke inzage en weigering tot verwijdering van politiegegevens en wijst het verzoek om schadevergoeding af.